Grenzen trekken

Het Grenspark dankt zijn naam aan de landsgrens tussen België en Nederland die dwars door het gebied loopt. Die grens kwam er officieel pas in 1843, daarvoor kende heel het gebied een gemeenschappelijke geschiedenis. Maar ook toen waren er grenzen, want de plaatselijke heersers maakten regelmatig aanspraak op elkaars gebied.
Er werd gekibbeld over water, graasgrond, turf, jacht en visvangst, het innen van belastingen en het spreken van recht. In verschillende periodes waren het vooral de Heer van Bergen op Zoom, de Heer van Hoogerheide en half Ossendrecht, het Convent van Huijbergen en de abdij van Tongerlo die meenden aanspraak te kunnen maken op elkaars gebied.
 
Na eeuwenlang gebruik als heide, lag er rond 2000 nog een grote brok waardevolle natuur langs weerszijden van de grens. Die natuur bestond uit natuurreservaten, kleinschalige landbouwgebieden, bossen van diverse overheden, grote particuliere domeinen en versnipperde kleine boseigendommen. Dus verschillende eigendommen, van verschillende eigenaars, die allemaal verschillende doelstellingen hadden.
Na veel overleg en een lange voorbereidingstijd werd in 2001 het “grenspark De Zoom-Kalmthoutse Heide” opgericht als grensoverschrijdend natuurpark. De officiële erkenning van het gebied als één samenhangend natuurgebied van 4000 ha, was daarmee rond.
Overheidsdiensten, beheerders en eigenaars trachten sindsdien mee te werken aan het behoud van de grote natuurwaarden en de aanpak van de gemeenschappelijke problemen zoals verdroging, spreiding van de recreatieve druk, behoud en vergroten van de natuurwaarden.
In 2011 werd het Grenspark uitgebreid naar 6000 ha.